Zondag 23 januari

Het volk dat in duisternis ronddoolt ziet een schitterend licht. Zij die in het donker wonen worden door een helder licht beschenen. (Jesaja 9:1 NBV21)

Dat volk waren de inwoners van Zebulon en Naftali, later Galilea genoemd. Doordat ze al eeuwen waren afgedwaald van God en er in de loop van de eeuwen zoveel heidenen temidden van hen waren komen wonen, was het geestelijk steeds donkerder geworden. En het is juist daar dat de Heer Jezus kwam wonen, in Kafarnaum, aan de internationale handelsroute. Hij kwam hen beschijnen met het heldere licht van Gods liefde en genade. Daar riep Hij Zijn discipelen één voor één: “Kom en volg Mij!” Ook veel van onze stads- en dorpsgenoten dolen geestelijk rond in de duisternis en wonen, leven zo in het donker. Wat een geweldige opdracht dat wij het licht van Christus op hun weg mogen laten schijnen, dat God hun door ons heen iets van Zijn heerlijkheid wil laten zien! Daarom tot slot van deze gebedsweek de oproep: SCHIJN! Schijn voor jouw Heer, laat Hem door jou heen stralen. De mensen om ons heen hebben dat zó nodig. Misschien ben jij wel de enige in hun omgeving van wie ze dat licht kunnen zien. Een grote verantwoordelijkheid. Maar ook een heerlijke uitdaging. “Heer, schijn maar in mij, schijn maar door mij heen. Help mij maar om in U te blijven. Dan zien anderen U in mij.”

In de ochtenddiensten afsluiting van de gebedsweek.